Wat eten motten van kleding? Dit vreten hun larven écht aan

Motten eten zelf geen kleding. Het zijn de larven van kledingmotten die zich door je garderobe heen vreten. Die larven leven van de eiwitten in dierlijke materialen zoals wol, leer, bont en zijde. Een volwassen mot legt haar eitjes in of bij kleding, en zodra die eitjes uitkomen, beginnen de larven meteen te eten.

Dat verklaart waarom je die kale plekken en gaten in je trui vindt, maar nooit een mot ziet zitten op de stof. De vlinder zelf heeft aan voedsel weinig boodschap. Het vreetwerk is puur voor rekening van de jonge larven.

Welke materialen eten kledingmotlarven?

Larven van kledingmotten zijn kieskeurig: ze gaan alleen voor dierlijke eiwitten. Dat betekent dat ze eten van:

  • Wol en wollen mengstoffen
  • Kasjmier en angora
  • Zijde
  • Leer en suède
  • Bont
  • Veren (bijvoorbeeld in jassen of kussens)

Synthetische stoffen zoals polyester, nylon of acryl laten ze links liggen. Ook puur katoen of linnen staat niet op hun menu, omdat die plantaardig zijn en geen dierlijke eiwitten bevatten. Let op: een wollen trui met een klein percentage polyester is nog steeds aantrekkelijk voor larven. Ze eten gewoon rond de synthetische vezels heen.

Waarom kiezen motten voor kleding met vlekken of zweet?

Larven worden extra aangetrokken door kleding die niet schoon is. Zweet, huidcellen, voedselresten en andere organische vervuiling op stof maken kleding nog aantrekkelijker. Dat is waarom motten zo vaak toeslaan in opgeslagen kleding die je niet wast voor je hem wegbergt. Een woltrui die je na de winter ongewassen in een kast legt, is een perfecte voedingsbron voor larven.

Hoe herken je vraatschade door kledingmotlarven?

De schade die larven aanrichten is vrij herkenbaar. Je ziet kleine, onregelmatige gaten in de stof, vaak op plekken waar kleding gevouwen lag of waar zweet zat. Bij wol zie je soms ook dunne plekken zonder direct een gat, omdat de larven de vezels van binnenuit wegvreten. Naast de gaten vind je soms de witte cocons of uitwerpselen van de larven, kleine donkere korreltjes die op zaagsel lijken.

Welke kleding loopt het meeste risico?

Kleding die lang opgeslagen ligt, loopt de meeste kans op schade door larven die motten eten van kleding. Denk aan:

  • Winterjassen die de hele zomer in de kast hangen
  • Wollen truien in een opbergkist
  • Vintage of tweedehands wollen stukken
  • Tapijten en vloerkleden van wol
  • Kledingstukken in een warme, donkere kast

Motten houden van warmte, stilte en donker. Een propvolle kast waar lucht nauwelijks circuleert, is voor hen ideaal.

Wat kun je doen om je kleding te beschermen?

De meest directe manier om te voorkomen dat larven je kleding opeten, is je dierlijke kleding schoon opbergen. Was of stoom je wollen kleding voor je hem voor langere tijd opslaat. Larven worden dan veel minder aangetrokken en eventuele eitjes of jonge larven gaan dood bij voldoende hitte (stoombehanding) of kou (een week in de vriezer bij min 18 graden werkt ook).

Bewaar je kleding in goed afgesloten zakken of dozen. Lavendelzakjes en cederhout remmen de activiteit van larven licht af, maar doden ze niet. Ze zijn meer een aanvullend middel dan een oplossing op zichzelf. Mottenballen werken wel afdoende, maar bevatten stoffen die schadelijk kunnen zijn voor de gezondheid en ruiken sterk. Gebruik ze alleen in goed geventileerde ruimtes of kies voor veiligere alternatieven.

Controleer je kwetsbare kleding regelmatig, ook al hang je er geen dagelijks aan. Hoe eerder je een aantasting ontdekt, hoe minder schade de larven aanrichten voordat je ingrijpt.