Nee, zilvervisjes kunnen niet zwemmen. Ondanks hun naam en hun visachtige uiterlijk leven ze volledig op het droge. Ze bewegen zich razendsnel voort over vloeren, muren en plafonds, maar komen nooit vrijwillig in contact met water. Sterker nog: ze vermijden water actief, ook al houden ze van vochtige omgevingen.
De naam “zilvervisje” is dus een beetje misleidend. Ze danken die naam aan hun zilverkleurige, glanzende schubben en hun golvende, visachtige manier van bewegen. Maar in het water gaan ze niet, en zwemmen kunnen ze niet.
Kunnen zilvervisjes zwemmen of verdrinken ze?
Zilvervisjes zijn insecten zonder vleugels die op het land leven. Ze hebben geen kieuwen, geen zwemblaas en geen enkel lichaamsonderdeel dat is aangepast aan een leven in water. Als een zilvervisje in water terechtkomt, bijvoorbeeld in een wasbak of toilet, kan het zichzelf niet redden door te zwemmen. Het beweegt zijn pootjes wel, maar dat is geen echte zwemslagbeweging. Valt het in dieper water, dan verdrinkt het.
Dat ze zo vaak in badkamers en keukens opduiken, wekt de indruk dat ze iets met water hebben. Maar het gaat ze niet om het water zelf, het gaat om de vochtigheid van de lucht in die ruimtes. Zilvervisjes houden van een hoge luchtvochtigheid. Die vinden ze in badkamers, onder aanrechten en in kelders, niet in het water zelf.
Zo snel bewegen ze zich wél voort
Wat zilvervisjes wél goed kunnen, is rennen. Ze zijn verrassend snel op hun zes pootjes en glippen razendsnel weg zodra je het licht aandoet. Die snelheid, gecombineerd met hun glanzende uiterlijk en golvende beweging, zorgt voor de vergelijking met een vis. In de volksmond worden ze ook wel “suikergastjes” of “papiervissen” genoemd, al is “zilvervisje” de meest gebruikte naam in Nederland.
Ze bewegen zich bij voorkeur langs de randen van een ruimte: langs de plint, achter kasten of onder het aanrecht. Ze vermijden open ruimtes en fel licht. Niet omdat ze kunnen zwemmen in de schaduw, maar omdat ze instinctief dekking zoeken.
Waarom zie je ze dan zo vaak bij water?
Zilvervisjes hebben vochtige lucht nodig om te overleven. Ze drogen snel uit bij een lage luchtvochtigheid. Badkamers en keukens bieden precies wat ze zoeken: warmte, vochtigheid en vaak ook voedsel in de vorm van zeeprestjes, huidschilfers, papierfragmenten of zetmeelresten. Ze zijn dus aangetrokken tot de omgeving van water, niet tot het water zelf.
Als je een zilvervisje in de wasbak of douche aantreft, is het daar waarschijnlijk per ongeluk ingevallen. Het gladde oppervlak van een wasbak is voor hen een val: ze kunnen er niet meer uit klimmen, omdat hun pootjes op het gladde keramiek geen grip krijgen.
Wat kun je doen als je er last van hebt?
Als zilvervisjes niet zwemmen maar wel vochtigheid opzoeken, is het verminderen van vocht de meest directe aanpak. Ventileer badkamer en keuken goed na het douchen of koken. Een ventilator of vochtabsorbeerder helpt de luchtvochtigheid te verlagen, waardoor de omgeving minder aantrekkelijk wordt voor zilvervisjes.
Daarnaast helpt het om voedselresten weg te halen: denk aan losse papieren, kartonnen dozen, oude boeken en zetmeelrijke materialen zoals behang of gordijnen. Kieren en scheuren in de muur of vloer afdichten verkleint het aantal schuilplaatsen. Chemische middelen zijn beschikbaar, maar voor een lichte aantasting zijn de bovenstaande maatregelen in de meeste gevallen al voldoende.
Zilvervisjes zwemmen dus simpelweg niet. Ze zijn watervlug op het droge, maar in het water zijn ze volkomen hulpeloos. De naam doet vermoeden van meer dan er is.



